NTM veewagen F63 (gebouwd in 1913)
Info over de wagon:

In het begin werden voor het veevervoer platte goederenwagons met een hekwerk gebruikt. Later werd de overstap gemaakt naar gesloten goederenwagons met bovenaan de wagons luchtopeningen. Tussen 1911 en 1918 leverde fabrikant Werkspoor een grote serie gesloten veewagens aan de Nederlandsche Tramweg-Maatschappij (NTM). De NTM was het grootste stoomtrambedrijf van Nederland dat het grootste deel van Friesland en enkele trajecten naar Drenthe, Groningen en Overijssel exploiteerde. De F63 werd in 1913 gebouwd door Werkspoor in Amsterdam. De deuren van de veewagens waren neerslaand, zodat de deur als loopplank voor het vee kon dienen. Het vee werd naar klanten of veemarkten vervoerd. Voor het vervoer van vee had de NTM op het hoogtepunt ruim tachtig veewagens in dienst.

In de jaren '30 ging het vanwege de concurrentie met het wegverkeer erg slecht met de lokaalspoorlijnen en interlokale tramlijnen in Nederland. Na de Eerste Wereldoorlog reden de eerste bussen in Nederland, die fel concurreerden met de trams. Naast bussen waren personenauto's, fietsen en vrachtwagens in opkomst en wonnen ze steeds meer terrein van het spoor. Trambedrijven waren sinds de Eerste Wereldoorlog bezig om stoomlocomotieven te vervangen door goedkopere benzine-, diesel- of elektrische trams om beter te kunnen concurreren. In de jaren '30 stapten veel trambedrijven over op nieuwe bussen of gingen ze failliet. Doordat veel bedrijven het financieel niet meer redden, besloten ze samen te voegen tot grotere bedrijven. In de jaren '30 sloten door heel Nederland veel lokaalspoorlijnen en interlokale tramlijnen. Tijdens en kort na de Tweede Wereldoorlog beleefden de (stoom)trams, door de schaarste aan olie en benzine, een korte opleving. De tramlijnen sloten echter na de oorlog voor het reizigersvervoer. Een deel van de tramlijnen (met een spoorbreedte van 1435 mm 'normaalspoor') werd door de Nederlandsche Spoorwegen overgenomen. De NS reed tot in de jaren '60 en '70 met goederenvervoer over de spoorlijnen. Later werden deze lijnen toch gesloten door de concurrentie met de vrachtwagen of het wegvallen van het vervoer.

Door de komst van de vrachtwagens liep het veevervoer per spoor erg snel terug. Een van de redenen was dat het vee dat de NTM vervoerde doorgaans niet direct op zijn bestemming aankwam. Vanaf het spoor moesten de dieren nog naar hun bestemming gebracht worden. Per vrachtwagen kon het vee namelijk direct naar de eindstemming worden gereden. Eind jaren '30 werd het veevervoer gestaakt. Net als met de rest van de trams in Nederland kreeg het veevervoer tijdens en vlak na de Tweede Wereldoorlog een kleine opleving door het brandstofttekort. De NTM beëindigde in 1947 en 1948 het reizigersvervoer op haar tramlijnen. Een groot deel van de rijtuigen werd overgenomen door de Nederlandsche Spoorwegen en elders in Nederland ingezet. Nadat de NTM het reizigersvervoer op de tramlijnen had beëindigd, nam NS in 1948 de exploitatie van het goederenvervoer over. Hiervoor nam NS een deel van de locomotieven en goederenwagons van de NTM over. Het materieel dat NS niet overnam, werd in 1947 en 1948 door de NTM terzijde gesteld. In 1949 nam de NTM de overgebleven spoorlijnen weer over van de NS; het materieel bleef echter wel eigendom van de NS.

De Nederlandse Spoorwegen (en andere spoorbedrijven) hebben altijd, en doen dat nog steeds, vrijwel al hun terzijde gestelde materieel laten slopen waardoor er relatief weinig voor spoorwegmusea bewaard is gebleven. Doordat tijdens de wederopbouw vele rijtuigen en goederenwagons buiten de spoorwegen een tweede leven hebben gevonden, zijn tientallen van deze rijtuigen en goederenwagons bewaard gebleven. Spoorwegmusea hebben een groot aantal van deze rijtuigen en goederenwagons teruggevonden en hebben ze gerestaureerd in de staat waarin zij vroeger bij de spoorwegen dienst hebben gedaan. Hierdoor zijn veel bijzondere rijtuigen en goederenwagons bewaard gebleven die anders waren gesloopt. Vele van deze bewaarde rijtuigen en goederenwagons hebben later vanwege hun historische waarde de hoogste A-status toegekend gekregen binnen het Nationaal Register Mobiel Erfgoed. De rijtuigen NS BC423, NS BC425, NS BC455, NS C1040, NS C1137, NS B1605, NS C7032, NTM C205, RTM AB334, SBM AB24 en Z.V.T.M. AB8 werden na de oorlog als woningen gebruikt en zijn hierdoor bewaard gebleven. Het rijtuig ZE AB6 en een eerste klas rijtuig van de ZNSM werden als tuinhuisjes gebruikt. De goederenwagons EDS 85, N.H.T.M. 21, NCS LD 5, NS 1524, NS Dt406, NTM E3, NTM E67, NTM E128, NTM E134, NTM F63, O.G. E102, USATC 224340, USATC 220410 en de rijtuigen NCS BC6 en NS AB7216 werden als schuren of opslagruimtes gebruikt en zijn daardoor niet gesloopt. De goederenwagons NS CHD 8681 en NTM conducteurswagen P1, en de SBM D5 werden als stal voor dieren gebruikt. De NTM post-bagagewagen D6 heeft een tweede leven gekregen als kantoor. De rijtuigen NS B1813 en NS C1820 werden respectievelijk als eet- en verblijfsruimte en als slaapzaal gebruikt bij een vakantieverblijf. Het rijtuig NS C6478 werd op een kinderspeelplaats geplaatst en is hiermee bewaard gebleven.

 
 
   

De F63 werd in 1948 door de NTM buitendienst gesteld en kwam als schuur terecht in Mildam. In 2005 werd de wagon hier weggehaald en overgebracht naar de Museumstoomtram Hoorn - Medemblik. Tussen 2011 en 2017 werd de wagon gerestaureerd naar de toestand van de wagon zoals deze rond 1935 gereden zou hebben. Naast zijn inzet in historische goederentrams rijdt de F63 mee in reizigerstrams voor het vervoer van fietsen, kinderwagens, rollators en rolstoelen. Op 22 mei 2017 maakte de F63 zijn afleveringsproefrit bij de Museumstoomtram en drie dagen later reed de veewagen tijdens Nationale Stoomtraindag voor het eerst mee in de stoomtrams. Naast de F63 heeft de SHM ook de NTM veewagens F57 en F88 in haar collectie. Deze wagons zijn nog niet gerestaureerd. De trams van de Nederlandsche Tramweg-Maatschappij reden vroeger met reclame voor extra inkomsten. Om dit te laten zien kregen de NTM-goederenwagons E134 en F63 bij de Museumstoomtram Hoorn - Medemblik reclameborden op het dak met de tekst: 'Persil blijft Persil'. Op 5 maart 2026 werd ook de NTM conducteurswagen P1 voorzien van de reclameborden met de tekst 'Persil blijft Persil'.

De NTM veewagen F63 heeft vanwege haar cultuurhistorische waarde de C-status toegekend gekregen binnen het Nationaal Register Mobiel Erfgoed.

 
De NTM F63 staat in Hoorn opgesteld. Bello Festival 2025, 4 juli 2025. © TreinenInNederland.nl
 
Bello 7742 vertrekt met de goederentram, met daarin gesloten goederenwagon F63, uit Twisk richting Opperdoes.
Bello Festival (by Night) van de SHM, 27 oktober 2023. © TreinenInNederland.nl
 
De F63 en de E67 rijden mee in een tram van de SHM. 27 oktober 2023. © TreinenInNederland.nl
 
 
De F63 en de E67 rijden mee in een vertrekkende tram uit Hoorn richting Medemblik.
Bello Festival (by Night) van de SHM, 21 oktober 2023. © TreinenInNederland.nl